Tranenthee in archieven

bij-uil-thuis

Toen mijn dochter klein was, las ik haar vaak voor van de uil die tranenthee wil zetten en dan gaat denken aan droevige dingen, zoals potloodjes die te kort zijn om nog vast te houden, theelepeltjes die onder het fornuis zijn geschoven en niet teruggevonden worden, liedjes die niet meer gezongen worden omdat niemand de woorden meer weet. Langzaam maar zeker vullen zijn ogen zich met tranen, en na een half uurtje heeft hij genoeg om thee van te zetten.

Als ik tranenthee zou willen zetten hoef ik maar te denken aan archieven en bibliotheken. Wel eens meegemaakt dat je iets tien jaar geleden in handen hebt gehad in een bibliotheek of archief en dat het nu niet meer te vinden is? Wel eens meegemaakt dat een collectie tweemaal verhuist en dat niemand meer weet waar de spullen nu zijn? Wel eens meegemaakt dat je een hoop dozen op een kar toegereden krijgt en dat de archivaris niet weet wat er in zit, behalve grofweg ‘papieren van een vereniging’? Wel eens meegemaakt dat er spullen in een archief zijn waar niemand weet van heeft?

En de mensen die op die archieven en bibliotheken werken zijn zo aardig en zo behulpzaam, geen kwaad woord over hen. Ze kunnen het ook niet helpen dat er zoveel archiefstukken en boeken binnenkomen en er zo weinig geschoold personeel is om alles te verwerken, en ik denk dat zij ’s avonds ook vaak moedeloos een potje tranenthee bij elkaar huilen.

Ik zal u één voorbeeld geven. Op de meest pretentieuze wetenschapsinstelling van Nederland, de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen, werd in het Trippenhuis een schitterende uitgebreide collectie van werken en handschriften van Willem Bilderdijk en Jacob van Lennep bewaard. Daar was al in de negentiende eeuw een catalogus van gemaakt. In het Trippenhuis werd op een gegeven moment besloten dat de collectie daar niet op zijn plaats was. Er werd een onderzoekshal gehuurd op een industrieterrein achter het Amstelstation, het NIWI geheten, en daarheen verhuisden deze collecties. Maar het NIWI werd opgeheven, en de collecties moesten weer ergens anders naar toe. Niets was logischer geweest dan Bilderdijk naar de VU te brengen, waar immers een grote Bilderdijk-collectie is en Van Lennep naar het stadsarchief, waar vele meters Van Lennep bewaard worden. Of beide naar het Letterkundig Museum. Maar nee, de collecties verdwenen naar het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis. Ver weg in Oost, in een stadsdeel waar geen gezond mens aangetroffen wil worden. Niemand die ze daar zal zoeken, maar niemand kán ze daar ook zoeken want ze staan niet in de catalogus.

Ik ging er een paar weken geleden heen voor Van Lennep. De dozen met handschriften en unieke prenten waren onvindbaar. Een behulpzame mevrouw ging met haar mobieltje de kluizen in en fotografeerde wat ze wel zag, rijen verzameld werk, maar geen handschriften. Ik ging onverrichterzake weg. Dan maar navragen bij de Koninklijke Academie. Weer een paar dagen verder: alles moest toch echt op het IISG zijn. Dus de vriendelijke mevrouw nog maar eens aangesproken. En nog een paar dagen later kwamen de handschriften boven water. Maar niet compleet. Enkele belangrijke documenten zijn verdwenen. Ik was de eerste die ernaar gevraagd had sinds het spul daar is. Ja, ik vroeg ernaar omdat ik op mijn geheugen kan vertrouwen, maar als ik een jonge promovendus was geweest, had ik van het bestaan niet af geweten en niet af kunnen weten.

Had Bilderdijk naar de VU gemoeten? Daar is verleden jaar het Bilderdijk Museum opgeheven. Had Van Lennep naar het Letterkundig Museum gemoeten? Daar lopen ze honderden mensjaren achter met het verwerken van spullen in de catalogus – en sinds de bezuiniging van 25% onder Zijlstra moeten ze het met nog minder personeel doen.

Komt u eens thee bij me drinken, ik zal een potje zetten en dan nog meer vertellen over wat er allemaal voor verdrietigs voorkomt op de plekken die het geheugen van Nederland moeten waarborgen.

Advertenties

About maritamathijsen

Als emeritus hoogleraar ben ik verbonden aan de Universiteit van Amsterdam. Zie voor mijn publicaties op de website van de universiteit. In 2017 voltooi ik de biografie van Jacob van Lennep, die op 16 januari 2018 verschijnt, in het jaar dat Van Lennep 150 jaar dood is.

12 responses to “Tranenthee in archieven”

  1. Jacques klöters says :

    Marita ik ben al zo droevig over wat er met de toneelgeschoedenis is gebeurd dankzij Halbe Zijlstra, de duivenmelker van de VVD. Moet ik al die andere elkende ook weten? Er is veel leed als je er van weet.

  2. Jenny Reynaerts says :

    Beste Marita,

    Het is waar, we kunnen tegenwoordig weer veel ‘Wandalismen’ schrijven over hoe wij met ons erfgoed omgaan. Maar van een van je droevige feiten kun je geen tranenthee zetten: wonen op de Oostelijke eilanden is heerlijk en biedt volop zuurstof!

    Hartelijke groet, Jenny

  3. Tjakke Schuringa says :

    Graag kom ik eens thee bij je drinken, kan ik als bèta (ir) mijn technische ervaringen met je delen.

    • maritamathijsen says :

      Laat maar weten wanneer je in Amsterdam bent, mijn huis is ook een soort archief. Er raakt nooit iets kwijt, maar ik geef onmiddellijk toe dat ik wel vaak een tijd moet zoeken naar iets waarvan ik zeker weet dat ik het heb.

  4. Nick ter Wal says :

    Zucht. Al te herkenbaar, dit verhaal.

  5. Marian Roos says :

    Afschuwelijk, zeker als je de benodigde papieren eerder in handen gehad hebt.

  6. Dirk says :

    om wanhopig van te worden en heerlijk als je dan toch iets ontdekt.

  7. Maud Peereboom-Engelberts says :

    Mooi beschreven hoe precair het onderbrengen van archiefmateriaal is – wat te doen?

    • maritamathijsen says :

      Wat te doen? Nooit meer een Halbe Zijlstra in de regering. Veel digitalisering toepassen: het is wel anders als je een scan in plaats van een manuscript ziet, maar het bevordert de toegankelijkheid en het garandeert het behoud van het origineel. Het stadsarchief in Amsterdam loopt wat dit betreft vooruit. En altijd als er iets verschoven wordt met archieven: deskundigen uit de praktijk raadplegen, dus niet alleen de conservatoren en bestuurders laten beslissen, maar vooral de gebruikers, de historici.

  8. Henriette van Lennep says :

    Lijkt me gezellig om eens op de thee te komen.
    Henriette van Lennep

  9. Sylvia Wybenga says :

    Ach Marita, wat heb je de tranenthee van Arnold Lobel zo prachtig onze literatuurgeschiedenis binnen laten stromen.
    Als zandtekenaar heb ik met dit verhaal opgetreden in schoolvoorstellingen rond deze bundel. Tijn Wybenga aan de piano en verteller Henk Dekker tranen trekkend met op schoot een koperen ketel. Van mijn moeders theestoof*). Een grote hout/koper theestoof, de koperen bak daarvan gebruikten we weer bij het maken van geprojecteerde zandkoekjes in het verhaal “Koekjes” van Kikker en Pad.
    *) mijn moeder was Carina Roeters van Lennep,voor mij is het een van Lennep keteltje.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: