Klaasje Zevenster op de literatuurlijst!

klaaasjezevensterbordeelscene Klaasje Zevenster in het bordeel

Vanavond treed ik op in de Woordnacht in Rotterdam. Ik zit dan aan tafel met onder anderen Christiaan Weijts die zo’n tergend stukje schreef over de canon op literatuurlijsten. Hij noemt daarin de Max Havelaar een ‘afgrijselijke monumentale baksteen’ en een ‘effectief moordwapen voor elk sluimerend vonkje literaire interesse’. Schrijvers uit het verleden zijn volgens hem ‘vergeelde murmelaars van vroeger die in muffe kamertjes hun belegen aftrekfantasietjes neerpenden’. Die aftrekfantasietjes zou ik overigens wel willen lezen, maar die zijn er nu net niet van Vondel, bijvoorbeeld. Bij Bilderdijk vind je ze wel. Hoe dan ook, ik denk dat juist die column van Weijts een moordwapen is voor literaire interesse.

Want wat Weijts in zijn gemakzuchtige opstelling overslaat, is dat elke tekst als die maar op de juiste manier wordt aangepakt, over kan komen. Ik daag hem uit: geef me 20 minuten om de telefoongids van 1920 te laten lezen door een groep vwo-ers en ik hou ze bij de les!

Als de jeugd de Max Havelaar vrijwillig niet leest, so what? Een groot deel van leerlingen gaat ook niet vrijwillig naar gymnastiekles, scheikunde of wiskunde, laat staan economie. En toch vinden we het met z’n allen belangrijk dat de jeugd er kennis mee maakt. Dat is de functie van school: kennis laten maken met de maatschappij, de wetenschap, de kunsten in alle facetten, zodat de leerlingen later gemotiveerd voor iets wat hun interesse opgewekt heeft kunnen kiezen. Wie nooit kennis heeft gemaakt met poëzie weet niet dat die een enorme functie kan hebben in moeilijke tijden. Wie niet weet dat taal buigzaam en plooibaar en individualistisch en springerig en grensoverschrijdend kan zijn, zal zelf ook nooit een taalkunstenaar kunnen worden.

Over trots op ons literair erfgoed heb ik het dan niet eens. In Frankrijk kun je op benzinestations boeken van Flaubert en Victor Hugo kopen, in Nederland vind je daar nog geen Grünberg, laat staan Mulisch. Maar ik weet ook wel dat wij literairhistorici onszelf ook iets te verwijten hebben. Materieel erfgoed moet geregeld gerestaureerd worden. In het Paleis op de Dam zijn toiletten en badkamers aangelegd die er eerst niet waren. Literair werk uit het verleden heeft ook restauratie nodig. Ik ben niet meer tegen hertalen. Engelse en Franse boeken uit de negentiende eeuw krijgen frisse vertalingen, waarom zou ik dat tegen het lezen van een frisse hertaling van het historisch Nederlands zijn? ‘Beter een luie lezer dan geen lezer.’ heb ik wel eens geschreven (nota bene in een geleerdenblad) en dat wil ik uitbreiden. Ja, laat de leerlingen films kijken, ingekorte Max Havelaars lezen – later komen ze wel bij de originelen terecht. Of niet, omdat ze handelaars in bijvoorbeeld koffie geworden zijn.

En dan zou ik zo graag zien dat Klaasje Zevenster, Van Lenneps laatste roman, eens onderhanden genomen zou worden. Dat boek heeft alles voor een prachtige historische serie mee: het gaat over alle zeven hoofdzonden, het speelt in alle klassen van de maatschappij, het heeft vreemd genoeg zowel een happy als een treurig einde, zelfmoord en ziekte, overspel en machtsmisbruik, bordeelbezoek en aanranding, alles zit erin. En als daar een serie van gemaakt zou worden: geloof maar scholieren dan Klaasje Zevenster op de literatuurlijst zetten.

 

Advertenties

About maritamathijsen

Als emeritus hoogleraar ben ik verbonden aan de Universiteit van Amsterdam. Zie voor mijn publicaties op de website van de universiteit. In 2017 voltooi ik de biografie van Jacob van Lennep, die op 16 januari 2018 verschijnt, in het jaar dat Van Lennep 150 jaar dood is.

16 responses to “Klaasje Zevenster op de literatuurlijst!”

  1. marijke van dorst says :

    Prachtig betoog. Uit het hart gegrepen.

  2. Anna says :

    Heel goed Marita! Succes vanavond in de arena!

  3. Marian Roos says :

    Begrijp ik goed dat de illustratie de vechtpartij tussen Galjart en baron Tilbury weergeeft, waarbij de baron uiteindelijk van de trap gegooid wordt? – Dan heeft de illustrator het boek ook al niet gelezen. Galjart is minstens veertig en de baron ‘een bejaard mannetje, met een gelaat als een gedroogde winterappel, doch blijkbaar nog voor vlug en jeugdig willende doorgaan.’

  4. Ingeborg Lesener says :

    Behalve dat ik in je vertoog Grünberg en Mulisch in omgekeerde volgorde zou willen lezen, meld ik me hierbij aan om Klaasje en wie weet nog veel meer te hertalen. Ik weet zeker dat ik dat kan, en daarvoor over het juiste gereedschap beschik. Hierbij dus mijn aanbod, laat wat horen,

    • Gera j. van Dorp-de Bruijn says :

      Beste Ingeborg,

      Je hebt misschien gelezen dat ik me ook aangemeld heb om Klaasje Zevenster te bewerken. Maar als jij dat wilt doen, wil ik daar niet tussen komen. Ik ben ondertussen begonnen met Sara Burgerhart.

      Ik wens je veel succes met Klaasje Zevenster.

      Met vriendelijke groeten,

      Gera van Dorp

    • Marius Engelsman says :

      Beste Ingeborg,

      Leuk om iets vanje te lezen.
      In een ver verleden, in 1973 en later, hebben we samen Nederlands gestudeerd aan UvA. Misschien herinner je je die tijd nog. Tjark Keijzer, Lex van de Haterd en Piet Ramaer zaten ook in onze groep.

      Met vriendelijke groet,

      Marius Engelsman

    • Gera j. van Dorp-de Bruijn says :

      Beste ineborg, Ben je al begonnen aan ‘Klaasje Zevenster’ of zie je er vanaf? Als het laatste het geval is, wil ik er graag aan beginnen.
      Gera van Dorp-de Bruijn

  5. Gera j. van Dorp-de Bruijn says :

    Beste mevrouw Mathijssen,

    Ik zie dat ik al nummer twee ben, maar ook ik bied me aan als hertaler van Klaasje Zevenster. In de afgelopen tijd heb ik voor mijn eigen plezier een hertaling van ‘Majoor Frans’ van Bosboom-Toussaint gemaakt. Deze wordt binnenkort uitgegeven bij uitgeverij ‘Bookscout in Soest.

    Ik hoor het graag als er behoefte is aan een hertaler.

    Met vriendelijke groet,

    Gera van Dorp

  6. Henriette van Lennep says :

    Prima idee, Ingeborg. Ik zou daar ook best bij willen helpen. Misschien een duoproduktie?

  7. Jos Paardekooper says :

    Die Weijts verdient klapjes, zeker. Ik ben net terug van een busreisje Wiesbaden/Mainz, waar nu nog sporen van Multatuli liggen. (Dik van der Meulen wijdt in zijn M.-biografie een heel hoofdstuk aan diens verblijf in beide steden.) In een Italiaans restaurant raakte ons gezelschap daarover zomaar in gesprek met een paar Belgische dames. En op de terugweg naar het klamme vaderland was Multatuli’s spel met de fictieve Mainzer Beobachter goed voor een buslading vol geinteresseerde vaderlanders. Dat deed me ineens weer denken aan een heerlijke les Nederlands, op de middelbare school, die geheel gewijd was aan het pak van Sjaalman uit de Max Havelaar. Minstens zo spannend als het telefoonboek van 1920, mits met enthousiasme gebracht.

  8. Jan de Kater says :

    Bij ons thuis stond Klaasje niet in de zeer bescheiden boekenkast, maar lag ergens hoog op een plank in een dichte kast. Duidelijk niet iets voor kinderen dachten mijn ouders toen blijkbaar. Dat het boek, van mijn vader, er was – het oudste van alle boeken thuis – moet wel met zijn beruchtheid te maken hebben gehad. In het boekenkastje stonden onder andere Sil de strandjutter, Droomkoninkje, Gösta Berling saga, John le Carré trilogie, Singers De duivelskunstenaar van Lublin en andere boeken, een aantal daarvan van de Arbeiders Pers, maar ook de herinneringen van Sartre en de bestseller van Mary McCarthy.

  9. lwillemse2014 says :

    Was ook WoordNacht, maar niet in de gelegenheid om bij dit gesprek te zijn-er was natuurlijk weer veel te veel.Maar met je betoog ben ik het helemaal eens.Bibliotheken kunnen hier ook veel bij betekenen, door al die verschillende edities zonder omwegen aan te bieden. En wat te denken van de meesterlijke verstrippingen door Dick Matena ?Ook zien we dat middelbare scholen bibliotheken als werkplaats gaan gebruiken-nu nog heel beperkt, maar het wordt meer dan het voorheen obligate bezoekje.De OBA werkt nu samen met Cartesius2-de leerlingen komen 2x in de week.Vind ik mooi!

  10. Ron Basart says :

    Hai Marita,
    Volgens Bosboom-Toussaint zijn hele stukken van Klaasje Z. overgeschreven van Charles Nodier. (Zie Briefwisseling Potgieter- Huet, dl. 1, p. 252 e.v.)
    Is jou daar iets van bekend?
    hart.gr.
    Ron Basart

    • maritamathijsen says :

      beste Ron, leuk om je zo digitaal weer te ontmoeten. Ik had deze passage niet opgemerkt, ik zal daar zodra ik over Klaasje ga schrijven (en dat is binnenkort) eens goed naar kijken. Dank in elk geval. Marita

    • maritamathijsen says :

      Ik heb de passage opgezocht, en de tekst van Nodier. http://gallica.bnf.fr/ark:/12148/bpt6k1056785x/f1.image
      maar zo snel vind ik niet wat Bosboom kan bedoelen. Nodier is een essay. Maar ik zal er nog nader onderzoek naar doen.

      • maritamathijsen says :

        Bosboom-Toussaint wijst er inderdaad in haar brief aan Potgieter op dat Van Lennep de theologant Bol laat praten in paradoxen over de uitvinding van de boekdrukkunst, en dat ontleent hij aan een opstel van Charles Nodier. Zij noemt dit ‘de brutaalste letterlijke vertaling’ mogelijk. Huet, die deze brief doorgespeeld kreeg van Potgieter noemt het pijnlijk voor Van Lennep. Maar Toussaint vergat door te lezen, want even verderop na de ontlening zegt de student Galjart dat Bol hun onthaalt op redeneringen, ‘die hij stellig weêr uit dezen of genen ons onbekenden schrijver gestolen heeft’. Kortom: Van Lennep is hier een postmodernist avant la lettre.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: