Archief | december 2021

Wie helpt mij dit uitleenboek thuis te brengen?

Al enige tijd heb ik een groot kasboek in huis. Het moet het aantekenboek van een leesbibliotheek geweest zijn, waarin aangetekend werd welke boeken wanneer uitgeleend werden en wanneer ze terugkwamen. Het loopt van 12 maart 1853 tot 19 januari 1856. Nu zou zo’n leenregister het water in de mond van boekhistorici doen lopen, als … als duidelijk zou zijn welke boeken er achter de nummering schuilgaan en als duidelijk was waar de leners woonden…

Ik herinner me dat mijn collega en leermeester Bernt Luger mij eens een visioen schilderde: stel dat hij een leenregister zouden vinden en de bijbehorende catalogus van een leesbibliotheek, dan zou hij een wonderbaarlijk betrouwbare inkijk hebben in het werkelijke leesgedrag van de negentiende-eeuwer. Op zo’n vondst hoopte hij en daarnaar zocht hij, tot zijn dood op 62-jarige leeftijd in 1996.[i]

Zou dit kasboek nou het visioen van Luger kunnen waarmaken? Welke gegevens geeft het prijs? Het is een speciaal voor uitleen gedrukt soort kasboek met bovenaan de kolom ‘Uitgegevene Boeken’ en daarnaast  ‘Terug ontvangene Boeken’. De kolommen zijn onderverdeeld in namen van leners, de signatuur van het geleende boek, de aflevering of het deel, aantekening van een eventuele boete en nog wat onbeduidende rubrieken. De bibliotheek is alleen op zaterdagen open en de leners krijgen een boek voor een week mee. Er zijn boetes voor te laat terugbrengen (10 cent voor een week).

In de winter worden er zo’n 35 boeken per zaterdag uitgeleend, in de zomermaanden vaak maar een stuk of 10.

Elk boek heeft een signatuur, in de vorm van een cijfer. Als ik het goed zie is het hoogste cijfer 135. Dat zou betekenen dat er slechts 135 titels bij deze bibliotheek waren. Één titel kon wel uit meer delen bestaan, titel 17 bijvoorbeeld bestond uit zes banden. Ook tijdschriften werden uitgeleend.  

De administratie van de uitlening werd bijgehouden door twee of drie mensen die het register per zaterdag ondertekenden. Dat zijn steeds mensen die ook als leners voorkomen. Dat moet wel betekenen dat het niet om een commerciële leesbibliotheek gaat.

Is het de Nutsbibliotheek van een kleine plaats? Dan zouden de ondertekenaars waarschijnlijk steeds dezelfden zijn geweest: de dominee en de schoolmeester. Of gaat het om de bibliotheek van een sociëteit of een vereniging?  

De volgende namen kan ik (moeizaam) ontcijferen als ondertekenaars:

C. van Epse

H. Denekamp

W. F. Looman

H, Harmsen

J.J. Roelofsen

J. Botterweg

M. Straatman

A. Vales

De namen van leners zijn ook allemaal genoteerd. Ik noem er een paar opvallende:

Pieperiet

Nooteboom

Maandag

Van Ritbergen

Klomp

Ankersmit

Noordijk

En nu de hamvraag: is er een kenner van locale geschiedenissen die deze namen ziet en denkt: maar dit zijn toch allemaal inwoners van Velpen, Den Helder, Stroe of welke plaats dan ook? Op www.genealogieonline.nl zag ik dat de familienaam Pieperiet veel voorkomt in Delden en Enschede. Mogelijk moet in die buurt gezocht worden. Maar stel dat ik kan achterhalen waar deze Pieperieten en Botterwegen woonden, dan is het belangrijkste punt nog niet opgelost: welk boek gaat schuil achter bijvoorbeeld het veel uitgeleende 44? Pas als we dat weten hebben we een tot heden ongekende kijk in leesgedrag!

Een heel enkele keer is er een indicatie van een titel. Zo is er een abonnement op het tijdschrift Het vaderland, nr. 19 is een album, nr. 7 heeft 12 losse platen, nr. 24 heeft er zelfs 36. Nr. 42 is het tijdschrift De Tijd, bij nr. 9 staat de naam van de dichter Storm van ’s Gravesande.

Wie helpt mij dit uitleenregister te identificeren? Ik ben van plan het te schenken aan de Pierson Bibliotheek van de Universiteit van Amsterdam. Maar stel dat het thuis te brengen is in Delden en stel dat de oudheidkundige vereniging daar het ongelooflijk graag in het dichtstbijzijnde archief zou willen hebben? Sorry Amsterdam, zal ik dan zeggen!


[i] Voor mijn boek L. De lezer van de negentiende eeuw zou dit heel wat noodzakelijk natte-vinger-werk hebben voorkomen.